Woningcorporaties doorgelicht

Werken bij een woningbouwcorporatie is weleens leuker geweest. Dankzij schandalen
als de verspilde miljoenen bij de renovatie van een oud stoomschip (de SS Rotterdam),
de bouw van een mislukte campus bij de Universiteit Maastricht en fraude is hun imago
beroerd.

En dankzij heffingen als de verhuurderheffing - een door het rijk opgelegde bijdrage aan de bezuinigingen - en reddingsacties voor noodlijdende collega-corporaties gaat het ook financieel niet al te best.

En dan beginnen vanaf volgende week dinsdag ook nog eens de ongetwijfeld pijnlijke openbare verhoren in de parlementaire enquête naar misstanden in de sector. Zes weken lang. Commissievoorzitter Roland van Vliet (ex-PVV) wil de verantwoordelijken “publiekelijk verantwoording laten afleggen over hun handelen”, zei hij deze week tijdens een persconferentie.

In aanloop naar die enquête komen NRC Q en onderzoeksbureau OverheidinNederland.nl vandaag met een onderzoek naar de financiële situatie van de 65 grootste woningcorporaties van Nederland. Ruim de helft van de aangeschreven corporatiedirecteuren deed mee. Dit zijn de drie belangrijkste conclusies:

1. Duizenden werknemers worden ontslagen 

Bijna alle corporatiedirecteuren zeggen banen te schrappen. Bij zeven op de tien corporaties gaat het om minimaal 15 procent van de fulltimebanen. Uitgaande van de grofweg 28.000 fulltimebanenin de sociale huursector gaat het om duizenden mensen die hun baan verliezen.

Marc Calon, voorzitter van brancheorganisatie Aedes, zei eerder voorstander te zijn van minder mensen en meer automatiseren:

“Als corporaties pretenderen een bedrijf te zijn, met een publiek doel, dan moeten ze zich ook gedragen als een bedrijf. Hard snijden doet even zeer, maar daarna treedt de genezing weer heel snel in en is de patiënt weer fit.”

2. Directeuren willen salaris inleveren

Bijna de helft van de directeuren is bereid een deel van het salaris in te leveren, tot wel 20 procent. “Het kan met minder”, zegt een directeur die rond 100.000 euro verdient. “Kwaliteit van leven en werken heeft met meer, en andere zaken van doen.”

Ook de politiek wil een einde aan de te hoge inkomens. Corporatiedirecteuren moeten zich sinds dit jaar al houden aan nieuwe salarisnormen, die zijn afgeleid van de regels voor bestuurders in de (semi-) publieke sector. Dit moet excessen als jaarsalarissen van ruim vier ton – zoals bijvoorbeeldbestuurder Erik Staal van Vestia verdiende – voorkomen.

3. Nederland heeft te veel sociale huurwoningen

De sociale huursector maakt ongeveer 36 procent van alle woningen uit. Veel te groot, vindt Minister Blok van Wonen . Zes op de tien corporatiedirecteuren is het daarmee eens. Een directeur: “In Europees perspectief is de sociale woningbouw hier een grote sector. Op zich reden om trots op te zijn, de hele wereld komt ook hier kijken, maar onvoldoende legitimatie om het dan maar zo te houden. Een beperkte krimp van de sector is op zich geen probleem.”

Vooral in de grote steden is het marktaandeel van de sociale huur te hoog, zegt een ander. “In Amsterdam meer dan 50 procent, terwijl op enige reisafstand betaalbare woningen te huur zijn.”

Bron: http://www.nrcq.nl/2014/05/30/de-woningcorporaties-doorgelicht-minder-banen-minder-salaris